Ventileren

Vocht en vuil

De lucht in een woonhuis wordt snel vochtig. Dat komt onder andere doordat:

  • mensen en dieren liters vocht uitscheiden via hun huid en ademhaling
  • planten vocht verliezen via hun bladeren
  • er waterdamp ontstaat door koken en douchen
  • er was te drogen hangt of in de wasdroger ligt

Behalve vocht, komt er ook vuil in de lucht, zoals:

  • kooldioxide en koolmonoxide
  • fijne stofdeeltjes, huiddeeltjes, haartjes enzovoort
  • schimmelsporen
  • sigarettenrook
  • stoffen die in bouwmaterialen zitten

Vochtige en vervuilde lucht kan tot allerlei problemen leiden. Voor uw huis (roestvorming en afbladderende verf) maar ook voor uzelf. Schimmels en mijten krijgen de kans te groeien. U en uw huisgenoten kunnen allergische reacties, ademhalingsprobleemen en/of andere gezondheidsklachten krijgen.

Een te hoge luchtvochtigheid is ook nog eens duur. Uw huis koelt erdoor af, waardoor u meer moet stoken. Goed isoleren en goed ventileren gaan dus hand in hand om uw energierekening laag te houden.

Om frisse en droge lucht te krijgen (een luchtvochtigheid in huis van veertig tot zestig procent is ideaal) moet er dus geventileerd worden.


 

Een modern probleem

Vroeger was ventilatie niet zo’n probleem: dat ging vanzelf. Maar nu de huizen goed geïsoleerd zijn, moeten we er aandacht aan schenken. Even een raam openzetten is niet genoeg. Want ventileren is iets anders dan luchten.

Als u een raam openzet om even frisse lucht in huis te halen, praten we over ‘luchten’. Een half uur nadat u het raam dicht hebt gedaan, is het effect alweer voorbij. Ventileren gaat verder. Het betekent dat u de lucht in huis continu ververst.


Hoe kunt u het beste ventileren?

In geïsoleerde woningen zijn speciale ventilatieroosters aangebracht. De meeste nieuwbouwwoningen zijn bovendien voorzien van een mechanisch ventilatiesysteem dat ventileert op plekken waar veel vocht of damp voorkomt, zoals in de keuken en in de badkamer.

Om goed (en dus voortdurend) te ventileren, is het vooral van belang om:

  • de mechanische ventilatie altijd aan te laten staan en
  • de ventilatieroosters altijd open te houden

Verder kunt u:

  • extra ventileren als u kookt of doucht of als er veel mensen in huis zijn
  • koken met de deksels op de pannen
  • de was buiten te drogen hangen
  • de vloeren drogen nadat u gedweild hebt
  • regelmatig controleren of de ventilatieroosters goed werken en schoon zijn
  • meubels niet strak tegen de muur zetten

Ventileer ook bij vochtig weer. Ook dan is de buitenlucht vaak schoner en droger dan de lucht in huis.